logo

Gerbils

DSC016111

Een Gerbil ( een andere naam is woestijnrat, springmuis of renmuis ) is een knaagdiertje hier ver vandaan, nl. uit de woestijnen van Mongolie en Afrika. Een Gerbil is een dag-en nachtdiertje ( anders dan een hamster die overdag slaapt). Een Gerbil is meestal actief met gangen graven en daarom zie je ze niet altijd. Ze worden gemiddeld zo`n 5 jaar oud.                                                   

 

 

 

 


Algemeen

Gerbils worden ook wel renmuizen of woestijnratten genoemd en zijn onderfamilie van de knaagdierenfamilie Muridae, die naast gerbils ook muizen, hamsters en ratten omvat. Gerbils zijn waarschijnlijk nauw verwant aan de muizen en ratten. Gerbils komen over het algemeen in dorre steppegebieden en halfwoestijnen voor. Dit zijn gebieden waar veel dieren niet kunnen overleven en daarom hebben zij weinig vijanden. De vijanden die daar wel voorkomen zijn slangen en roofvogels. Maar daar kunnen goed van ontsnappen. Dit omdat ze goed kunnen springen.Door natuurlijke selectie hebben de gerbils aan de leefomstandigheden aangepast en kunnen goed in hete/koude, maar ook zeer droge gebieden overleven. Een deel van de gerbils leen in uitgebreide gangenstelsel, met heel veel nooduitgangen en nestkamers. Op de heeste en de koudste momenten van de dag slapen zij in hun nestkamer. Ze kunnen water opslaan in hun vetlagen. Gerbils urineren zelden en hebben droge ontlasting. Toch kunnen de gerbils niet tegen grote temperatuurswisselingen. Onder de grond is de temperatuur namelijk vrij stabiel.Veel mensen denken dat gerbils nachtdieren zijn. Dit is niet het geval. Omdat het koudste moment van de dag 's nachts is en warmste midden overdag, zijn ze gewend om dan te slapen. Gerbils zijn daarom over verschillende delen van de dag wakker.

 

Rassen

Agouti gerbils : wildkleurige vacht , met een ticking ( kleien donkere bandjes in het vacht).

Argente- creme : licht -gele wildkleur , met een witte buik , en rode oogjes.

Siamees : de oortjes , snuit en staart is donkerder dan de rest van het lichaam.

Zwarte gerbil : ze hebben een zwarte kleur.

 

Namen

 

Kenmerken

Mongoolse gerbils zijn, zonder de staart, 110-135 mm lang. De staart heeft een lengte van 95-105 mm. Ze hebben een gewicht van 60-85 gram en in geval van overgewicht tot 120 gram. De mannetjes zijn 10-20 % zwaarder dan de vrouwtjes. In het wild is er geen verschil in het gewicht tussen de mannetjes en vrouwtjes en wegen de volwassen renmuizen gemiddeld 60 gram. Het lichaam is slank en het dier zit strak in zijn vel. De kop van een Mongoolse renmuis is kort en breed, met een spits toelopende snuit. De achterpoten hebben een lengte van 28-32 mm en zijn dus vrij lang, waardoor de renmuizen goed kunnen springen en gemakkelijk rechtop kunnen staan. De voorpootjes zijn veel kleiner. Nog een kenmerk is de lengtegroef op de bovenste voortanden.Doordat de Mongoolse renmuis al een hele tijdje als huisdier gehouden wordt zijn er al vele verschillende kleurvormen gefokt. Er zijn diverse soorten haarkleuren (zwart, algerijn, duifgrijs, lilac, bonte, siamees, geel en wildkleur) ontstaan en soms zijn zowel de rug als de buik van dezelfde kleur, zoals bij de zwarte renmuis. De buik heeft dus altijd een crèmewitte kleur of dezelfde kleur als de rug. Ook kunnen ze nu rode ogen hebben en lichtere nagels

Voortplanting

Mongoolse renmuizen zijn geslachtsrijp op een leeftijd van ongeveer 6-7 weken. Maar het is voor het vrouwtje het beste om haar niet te laten dekken voor een leeftijd van 12-14 weken. Ze heeft voor die tijd haar energie zelf hard nodig om te groeien. Mongoolse renmuizen kunnen hun hele leven pups krijgen, maar vanaf de leeftijd van anderhalf à 2 jaar wordt de kwaliteit slechter. Het vrouwtje is het vruchtbaarst als ze ongeveer 1 jaar oud is. Het wordt aangeraden dat vrouwtjes maximaal 5 à 6 nestjes krijgen in hun hele leven en er wordt best niet gefokt met vrouwtjes die ouder zijn dan 1 jaar.

Het is niet altijd goed te zien of een vrouwtje drachtig is. Soms is ze zichtbaar dikker geworden, maar soms ook niet. Het zwangere vrouwtje blijft ook even actief dan anders. Na minstens 24 dagen worden de jongen geboren. Het mannetje laat het vrouwtje tijdens de bevalling alleen, zodat ze rustig kan bevallen. Hij zal voor ongeveer 24-48 uur een nest maken in een andere hoek van de kooi, maar gaat daarna wel weer terug naar het familienest. De jongen zijn vlak na de geboorte nog niet volledig ontwikkeld. Ze zijn nog kaal, doof en de oogjes zijn nog dicht. Ook hebben ze nog geen tanden. Het gemiddelde geboortegewicht van een jong is 2,5-3,3 gram en ze zijn maar ongeveer 3 centimeter groot. Hun staartje is nog maar 1 centimeter lang. Bij kleine worpen kunnen de jongen iets groter zijn. De jongen zijn nog volledig hulpeloos. Ze kunnen alleen maar piepen als ze honger hebben of koud zijn. De eerste dagen zijn kritiek, dan sterven meestal de zwakkere jongen. De jongen mogen de ergste dagen niet aangeraakt worden.Veel mensen maken de fout om het mannetje weg te halen als de jongen geboren worden, maar dit is onverstandig. Ook de vader helpt namelijk mee met de verzorging. Een essentiële taak van de vader is het warm houden van de jongen, vooral als de jongen het nest beginnen te verlaten. Hij helpt dan de moeder om de jongen terug te brengen naar het nest. Maar een vrouwtje kan ook best een nest pups in haar eentje grootbrengen.Als de jongen twee tot drie dagen oud zijn, beginnen de oren zich te ontwikkelen en in de eerste vier dagen wordt de huid aan de rugzijde langzaamaan donkerder en de snorharen komen tot ontwikkeling. Na een week heeft zich aan de rugzijde een donzig vachtje gevormd. Ook de oren zijn verder ontwikkeld en gaan open. Rond de tiende dag begint ook aan de buikzijde een vacht te ontstaan. Vrouwtjes hebben 8 kale plekjes op hun buik, dit zijn de tepels en bij de mannetjes zijn deze niet te zien. Een paar dagen later zijn deze tepels bedekt met haren en niet meer te zien. Ook beginnen de jongen te proberen om uit het nest te kruipen. Na 2 weken starten de tanden met groeien en de ogen gaan open na een dag of zeventien. Ze beginnen nu ook te knabbelen aan vast voer. Op een leeftijd van ongeveer 24 dagen worden ze niet meer gezoogd door de moeder, maar eten alleen nog maar vast voedsel. 

Eten en drinken

In de vrije natuur eten Mongoolse renmuizen voornamelijk de zaden, stengels en wortels van kruiden of kruidachtige planten. Van sommigen planten eten ze ook de bladeren en de bloemen. Naast dit plantaardig voedsel eten Mongoolse renmuizen ook  soms insecten Renmuizen in het wild hebben weinig water nodig en hebben dus geleerd om er zuinig mee om te gaan. Het vocht dat ze nodig hebben, halen ze uit de planten en ook drinken ze de ochtenddauw. Voor Mongoolse renmuizen in gevangenschap zijn er tegenwoordig goede renmuisvoeders te koop in de meeste dierenspeciaalzaken.Renmuizen moeten vaak aan iets knagen om de tanden scherp te houden.

 

Huisvesting

Gerbils kunnen het best in een glazen bak gehouden worden, bijvoorbeeld in een aquarium of terrarium. Aan tralies gaan ze namelijk ontzettend knagen. Ook kunnen de pootjes van gerbils niet goed tegen tralies. Op de glazen bak moet wel een deksel zitten, bijvoorbeeld van gaas. Als dit er niet op zit zullen de gerbils er zeker uit kunnen springen.
Koop geen kooi met een plastic onderbak. De gerbils zullen hier zeker uit ontsnappen. Het best is om een kooi te nemen die helemaal van ijzer, glas of aluminium is gemaakt. Geef ze niets van plastic, ze knagen alles kapot en de losse stukjes kunnen beschadigingen in de darm veroorzaken. Zorg er wel voor dat de gerbils het deksel niet van de kooi kunnen lichten, op deze manier ontsnappen er namelijk heel wat gerbils.Werk, indien mogelijk, met verschillende niveaus, zo kan je het eten en drinken vrij hoog plaatsen en blijft het schoon. Wees maar creatief, ze zullen er dol op zijn!
Het loopoppervlak van de kooi mag voor de eerste twee gerbils minimaal 800 cm2 per gerbil zijn. Voor iedere gerbil daarna nog een extra 500 cm2.  Meer dan twee gerbils in een bak is overigens sowieso niet aan te raden. In 90% van de gevallen gaan groepjes gerbils vechten met elkaar. Als je twee gerbils in een bak houdt, mag de bak vanaf 1600 cm2 in theorie onbeperkt groot. Bij meer dan twee gerbils is het minimum ook echt het absolute maximum. Een 100 cm2 kleiner kan zelfs meer goed dan kwaad doen. Als bodembedekking kun je zaagsel, mini hemp, care fresh of aubiose gebruiken. Deze bodembedekkers nemen goed vocht op en zijn meestal niet overdreven stoffig (zeker aubiose niet), gerbils kunnen namelijk niet goed tegen stof. Als nestmateriaal kun je hooi of papiersnippers gebruiken. Zorg er voor dat de bodembedekking lekker dik is, gerbils houden erg van graven.In de kooi moet een stenen voerbak aanwezig zijn. Ook moet er een drinkfles of drinkbak aanwezig zijn. De meeste gerbils stellen een huisje ook erg op prijs in hun kooi, daar maken ze dan hun nest in. Verder moet er in de kooi een loopwieltje aanwezig zijn met een doorsnede van minimaal 20cm. Zeker geen open rad geven aan gerbils, dit is gevaarlijk voor de staart. Als ze een stuk staart verliezen groeit nooit meer terug!  Geef beter geen radje van plastic omdat het erge knagers zijn en ze plastic radjes nog wel eens kapot willen knagen. Als speelgoed kun je verder wc-rollen, keukenrollen en schoenendozen gebruiken, ook vinden gerbils een buizenstelsel in de kooi erg leuk. Er zijn niet veel specifieke gerbilspeeltjes te koop, maar met wat creativiteit en bijvoorbeeld hamster of rattenspeelgoed kom je een heel eind.

 

 

Bijzonderheden

De Japanner Kasuga heeft in 1935 twintig paartjes Mongoolse gerbils gevangen genomen in de bedding van de rivier de Amour in Oost-Mongolië. Deze werden mee genomen naar Japan, waar er mee gefokt werd. Nakomelingen werden naar Amerika geëxporteerd. Rond 1960 kwamen de eerste dieren naar Engeland, en sinds 1973 zijn ze op Nederlandse tentoonstellingen te zien.Pak nooit een Mongoolse gerbil aan het uiteinde van de staart vast bij het hanteren van dit dier. Dit om beschadigingen te voorkomen.

 

DSC01610DSC016031

DSC016121DSC01614

DSC016021DSC016041  

 

Contactgegevens:


Kinderboerderij De Dierenploeg
Vlimmeren 1

Zevenbergen

T | 0168-335227